Functies in SQL staan je toe een waarde te berekenen in plaats van een vaste waarde of de waarde in een of andere kolom.
SUBSTRING
Deze functie gebruik je om een deel van een stuk tekst over te houden. Je kan bijvoorbeeld dit doen om de eerste twee letters van de familienaam van een auteur te tonen:
SELECTSUBSTRING(Familienaam,1,2) FROM Boeken;
Je bent ook niet beperkt tot kolomwaarden, je mag ook gewone constanten gebruiken:
SELECTSUBSTRING('Hallo',1,2);
Je kan wel net zo goed dit doen:
SELECT'Ha';
Als je alleen het begin van een string wil, kan je ook LEFT gebruiken:
SELECTLEFT('Hallo',2);
CONCAT
Deze functie gebruik je om stukken tekst aan elkaar te hangen. Je kan dus dit doen om de volledige naam van auteurs te tonen:
SELECTCONCAT(Voornaam,'',Familienaam) FROM Boeken;
Je kan dit ook duidelijker laten weergeven in Workbench met:
SELECTCONCAT(Voornaam,'',Familienaam) AS Naam FROM Boeken;
LENGTH
Hiermee bereken je de lengte van een stuk tekst. Je kan bijvoorbeeld dit doen:
Dit zal je niet de familienaam van elke auteur tonen, maar wel het aantal letters in hun familienaam.
Net zo kan je dit doen:
Dan zal je als resultaat 3 krijgen.
Dit werkt voor het ASCII-alfabet, maar eigenlijk geeft LENGTH de lengte in bytes. Als je echt het aantal tekens wil, moet je CHAR_LENGTH gebruiken.
Wiskundige operaties
Ook standaard wiskundige operaties zijn functies. Bijvoorbeeld: